Verhuurders van woonruimtes opgelet! Nog geen aanspraak gemaakt op betaling van huurverhogingen over de afgelopen jaren? Stuit dan vóór 1 juli aanstaande de verjaring. Anders vervalt de aanspraak op betaling daarvan.
Sinds 1 juli 2024 geldt de wettelijke verplichting voor verhuurders om huurders jaarlijks schriftelijk te informeren over betaling van de huurprijsverhoging. Wordt aan die schriftelijke informatieplicht voldaan, dan kan een verhuurder nog aanspraak maken op niet-betaalde huurprijsverhoging tot 2 jaar terug nadat de huurprijsverhoging opeisbaar is geworden. De standaard verjaringstermijn van vijf jaar geldt dus niet meer. Echter, is de huurder niet schriftelijk geïnformeerd over betaling van de huurprijsverhoging, dan verjaart de vordering tot betaling over desbetreffend jaar al na één jaar(!).
Vanwege het overgangsrecht kunnen verhuurders tót 1 juli aanstaande nog aanspraak maken op niet betaalde huurprijsverhogingen over de afgelopen vijf jaar. De verjaring dient wel vóór die datum te worden gestuit. Anders kan nadien geen aanspraak meer worden gemaakt op betaling daarvan. Zonder stuiting van de verjaring geldt vanaf 1 juli 2025 immers de verkorte verjaringstermijn ook voor niet betaalde huurprijsverhogingen van vóór 1 juli 2024. Ook is het raadzaam om tijdig een procedure op te starten.
De verkorte verjaringstermijn heeft overigens alleen betrekking op betaling van de huurprijsverhoging, niet op de huurprijs zelf. Voor de huurprijs zelf blijft de standaard verjaringstermijn van vijf jaar gelden. Als een automatische huurprijsindexering is overeengekomen, kan naderhand mogelijk wel nog aanspraak worden gemaakt op de verhoogde huurprijs en is die huurprijs het vertrekpunt voor verdere indexatie. Jurisprudentie zal moeten uitwijzen hoe rechters hierover denken. En iedere zaak is natuurlijk casuïstisch.
Heeft u vragen over huurprijsverhoging of andere vragen over het huurrecht? Aarzel dan niet om vrijblijvend contact met ons op te nemen via 06-17135678 of info@lavain.nl.
Algemene en omgevingsrechtelijke vraagstukken in relatie tot de overheid, zoals vergunningen, bestemmingsplannen, handhaving en schade.
Vraagstukken over huur en vastgoed op alle voorkomende terreinen, zoals bedrijfsruimte, winkelruimte, kantoorruimte en woonruimte.
Algemene juridische vraagstukken zoals contracten, nakoming, schadevergoeding, incasso en spoedkwesties.